RozemarijnOnline




Gastenboek van RozemarijnOnline






















Gastenboek literaire website RozemarijnOnline

Vraag en antwoord

home           gastenboek




Onderwerp: Slauerhoff en Wigman
(19 maart 2014)


Beste Rozemarijn,

Voor school moet ik 10 gedichten analyseren. Bij 8 van de 10 is dit tot nu toe gelukt. Helaas loop ik bij twee gedichten volledig vast. Dit zijn:

- 'Riet plukken', van J. Slauerhoff
- 'Glazenwasser ziet schilderijen', van Menno Wigman

Ik moet voor beide gedichten het rijm van het gedicht, afwijkingen binnen het metrum (met functie), stijlfiguren/beeldspraak benoemen en aangeven of er een bepaalde structuur in het gedicht zit.

Ik hoor graag van u,

Alexander.

--

Glazenwasser ziet schilderijen

Auto's, gelach, geraas: alles slaat dood
op zeven hoog. Ik hoor alleen mijn spons
en het verkouden knarsen van het staal
waaraan ik hang. Soms spreekt een wolk mij aan
of gis ik wat een meeuw te zeggen heeft.
De mensen: druk, wit, stemloos, achter glas.
Op acht hoog kunst. Dat meisje daar, die lach,
wie heeft haar zo bespied dat ze immuun
voor complimenten mijn gezicht in kijkt?
En wanneer breekt die sperwer uit zijn lijst?
Ik hang hier als een ijskoud schilderij
waar niemand oog voor heeft, ik poets en zwoeg
en maak het uitzicht vrij - schilder er maand
na maand onvervalste wolken bij.
Kijk. Daar kruipt al zonlicht in mijn lijst.


Menno Wigman
In: De wereld bij avond (2006).




Antwoord     (20 maart 2014)


Dag Alexander,

hierbij het tweede deel, naar aanleiding van 'Glazenwasser ziet schilderijen' van Menno Wigman (2006).

Allereerst de titel van het gedicht: 'Glazenwasser ziet schilderijen'. Wat voor beeld roept dat op? Je kunt je voorstellen dat een glazenwasser op een ladder staat, of bij een hoog gebouw in een bakje hangt, voor een raam dat hij gaat wassen. Dat raam is voor hem een soort schilderij, het kozijn is de lijst, de kamer erachter het doek, het beeld.

Meteen in het begin van het gedicht wordt aangegeven dat de glazenwasser zich op 'zeven hoog' bevindt - op die hoogte slaat al het straatgeluid dood. Hij hoort alleen zijn spons en het geknars van het staal waaraan hij blijkbaar hangt (en soms 'een wolk' of 'een meeuw'). Achter het glas zie hij mensen, 'stemloos', hij hoort ze niet.

Een verdieping hoger, 'acht hoog', ziet hij kunst: een meisje dat lacht, immuun voor complimenten. Hij vraagt zich af wanneer 'die sperwer' uit de lijst breekt - ziet hij wellicht een vogel in de weerspiegeling van het glas?

Dan verschuift het perspectief: 'Ik hang hier als een ijskoud schilderij'. Zoals de kamers binnen, omlijst door het kozijn, een schilderij zijn voor de glazenwasser, zo is hij een schilderij voor de mensen binnen die naar hem kijken. Niemand heeft oog voor hem, hij maakt het uitzicht vrij en door het glas schoon te poetsen, zo 'schildert' hij er wolken bij.

'Kijk', zegt hij tenslotte, wellicht tegen zowel de mensen binnen, die geen ook voor hem hebben, als tegen de lezer, als misschien ook tegen zichzelf. Dat lijkt mij de kortste samenvatting van waar dit gedicht om gaat: de glazenwasser kijkt bewust door het raam en naar de weerspiegeling in het raam, zoals je naar een schilderij kunt kijken. In tegenstelling met de mensen binnen, die nergens 'oog voor hebben'; hij roept ze hier op om ook echt te kijken.

In het hele gedicht lijkt het koud en bewolkt weer te zijn (wolk, ijskoud, wolken). Pas in de laatste zin breekt de zon door.


Er zijn geen witregels in dit gedicht om structuur aan te brengen. Er is ook weinig gebruik gemaakt van eindrijm (vol rijm), maar wel veel van assonantie en assonerend rijm (zoals bijv. dood-hoog-hoor, glas-acht-lach, kijkt-lijst-ijskoud-schilderij, poets-zwoeg, vrij-bij (is volrijm, maar geen eindrijm) -kijk-lijst. Het metrum is grotendeels regelmatig (jambe).

Wigman gebruikt wel soms beeldspraak (zoals: het verkouden knarsen van staal, een wolk spreekt mij aan (letterlijk opgevat), ik hang als een schilderij, het zonlicht kruipt).

Het gedicht in z'n geheel is een monoloog interieur, de gedachtestroom van een glazenwasser tijdens zijn werk. In die zin is ook het gedicht zelf een soort schilderij in een lijst: de blik en het perspectief van de glazenwasser vormen het beeld en bepalen de grenzen van wat je te zien krijgt.


Ik hoop dat je hiermee toch nog wat verder komt. Veel succes met het afmaken van je laatste gedichtenanalyses. Je kunt mijn website als bron opgeven.

Met vriendelijke groet!

Rozemarijn.

Gedichten met een bespreking





Re:     (21 maart 2014)


Hi Rozemarijn!

Onwijs bedankt voor de hulp! Ik ga de twee gedichten direct afmaken.

Ik heb je site opgegeven als bron.

Gr, Alexander.








Versanalyse en interpretatie


Home        Gastenboek        Gastenboek 2014